Books Should Be Free is now
Loyal Books
Free Public Domain Audiobooks & eBook Downloads
Search by: Title, Author or Keyword

In Zuid-Bretagne De Aarde en haar Volken, 1906   By: (1855-1926)

Book cover

First Page:

In Zuid Bretagne

Naar het Fransch van Gustave Geffroy.

Het stadje Quimperlé kan heel goed als type dienen voor Zuid Bretagne, hier in dit hoekje van Finistère, zooals Morlaix en Saint Pol de Léon Noord Bretagne typeeren. Men kan te Quimperlé van allerlei eigenaardigheden der natuur en van ieder aanzicht, dat een landschap bieden kan, genieten.

Als men aankomt op een avond van helderen maneschijn, vindt men een vreedzaam, stil stadje, dat er fantastisch uitziet, met ledige straten en kronkelende steegjes, gevels, die voorover hangen en terugwijkende benedenhuizen. De klokkentoren van Saint Michel drukt als een domper op de huizen der bovenstad. Als het blauwe maanlicht over het steenen gevaarte strijkt, ziet de toren er met zijn hoeken en bogen en balustrades uit als een reuzenuil met een vierkante kroon en de witte vlek van 't uurwerk over zijn eene oog. De uil staat daar reeds op zijn steenen nest sinds de 15de eeuw, en de klokkestem, die zijn stem is, blijkt wel een stem te zijn uit het grijs verleden, zoo oud en vreemd en gesluierd klinkt zij, beverig en grommend en langzaam de tonen uitgietend over de stad en de rivier.

Dat is het eenige nachtelijke geluid in Quimperlé, die stem van lang geleden. Alles slaapt den slaap der kleine steden, dien slaap, die werkelijk slaap is, de dood der menschheid. Geen enkele tred op het plaveisel van de straten, geen geratel van een rijtuig bij 't begin van den straatweg, zelfs niet het fluiten van een spoortrein op de hoogte. Alles zwijgt tegelijk, en als men opmerkzaam toeluistert, hoort men zoo nu en dan 't geritsel van den wind in het gebladerte der boomen van het plein, of 't zacht geklots van het water tegen den oever, of den doffen bons van een boot tegen de steenen kade. Zulke nachten kent het groote Parijs niet, welks holle bodem, waarin de buizen en leidingen van allerlei diensten elkander kruisen, het geluid van al wat in beweging is, meedoogenloos terugzendt.

De fiacres van drie uur in den morgen rijden nog, nachtelijke feestgangers zijn nog onderweg, of reeds komen uit alle voorsteden de wagens van de groenten en fruitverkoopers en gaan met de snelheid, die hun slaperige paarden bereiken, naar de hallen. Doch dat is nog maar een rustig, regelmatig, bijna gedempt geluid. Later behoort de stad aan de slagerskarren en de melkrondbrengers, die vliegensvlug door de straten daveren; gillend en met hun zweep omhoog, gedragen de koetsiers zich, of ze aan een wedstrijd met triomfwagens deelnamen.

Zulke genoegens kent Quimperlé niet, en de doortrekkende reiziger, die uit de groote steden komt, moet het stadje dankbaar zijn, dat hij er de décors der onbewegelijkheid en de stemmen der stilte mag bewonderen.

De menschen staan vroeg op; dan begint de vroolijke symphonie der klompen, en de verandering treedt op in 't aanzien der stad. Die schijnt met den blauwen rook uit de schoorsteenen mee te gaan vliegen door de op terrassen liggende tuinen. Als de blinden en de vensters opengaan, verschijnen vriendelijk lachende gezichten met heldere oogen en praatlustige monden, de witte mutsjes reeds geplant op blonde en kastanjebruine haren. De koopvrouwen van visch loopen rond met den neus in den wind en een breeden roependen mond, die, daar ben ik zeker van, niemand het laatste woord zouden gunnen en voor haar zusters in het paviljoen der hallen van Parijs niet onderdoen in woordenrijkheid.

Als gij buitendien nog Quimperlé op een Zondag bezoekt, en als er in de buurt de een of andere vergadering is, zal het u gegeven zijn, de mooiste verzameling goed opgetrokken kousen, korte rokjes en kleurige boezelaars te zien. Die boezelaars! Men moet ze twee aan twee of drie aan drie of bij halve en heele dozijnen in de straten der stad hebben waargenomen en op de wegen in den omtrek, om zich een denkbeeld te vormen van hun belangrijkheid en hun luister. In de uitstalkasten van de winkels, beschaduwd door de overhangende luiken, zijn ze niet zoo schitterend welsprekend; maar als de vrouwen en meisjes van Quimperlé ze dragen en in haar wandelpasjes er fleurig mee flaneeren, bewust van eigen schoon aangekleed zijn, worden ze buitengewoon aardig en klinken hoog als een fanfare bij een marsch in den zonneschijn van een feestdag... Continue reading book >>




eBook Downloads
ePUB eBook
• iBooks for iPhone and iPad
• Nook
• Sony Reader
Kindle eBook
• Mobi file format for Kindle
Read eBook
• Load eBook in browser
Text File eBook
• Computers
• Windows
• Mac

Review this book



Popular Genres
More Genres
Languages
Paid Books